Mini seconde

Ga ik er wel over beginnen of niet? Die afweging maak ik soms in een mini seconde. En nu ga ik ernaar vragen, want we zitten samen in de auto en we zijn ook nog niet thuis. We komen net bij de boswachter vandaan en daar was de vraag over hoeveel broertjes en zusjes ons meisje heeft. Die twijfel van één, nee twee, toch één maakt me nieuwsgierig.

Dus vraag ik naar dat moment. Ons meisje kijkt me aan. Ze kijkt dan naar buiten en haalt haar schouders op. Ze geeft aan dat ze het lastig vindt. Het zijn er twee, maar niet in elke situatie. De boswachter vroeg het om iets mee te geven voor haar broertjes. Nu had ze echt niet nog iets meegekregen voor haar dode broertje, dus waarom zou je dan zeggen dat je twee broertjes hebt. Ik snap wat ons meisje zegt.


Hoe trots ook… soms heeft het gewoon geen zin om Mees te benoemen. Dat ervaar ik ook met regelmaat. Wanneer zeg je zoiets… Soms wil ik dat pijnlijke gesprek niet voeren, soms zijn de mensen waar ik tegenover zit het ook gewoon niet waard… En heb ik eigenlijk zin in de vragen die dan gaan komen?

En soms komt het er niet van… Ik vertelde mijn fysio al vanaf het begin over mijn drie kinderen. Twee ervan kwamen wel eens mee. Maar hij vroeg nooit door. Dus waarom zou ik dan vertellen over Mees? Ik liet het los. Ik voelde me goed door te zeggen dat ik drie kinderen heb en zolang het verder niet uitmaakte en hij niet naar kind drie vroeg, ging het prima.

Tot het moment dat hij mijn agenda pakte en vroeg waar kind drie dan was. Zonder ook maar één mini seconde van nadenken floepte ik eruit dat dat de ster op de foto was. Pas toen mijn fysio de vraag herhaalde had ik door dat hij echt niet doorhad dat Mees overleden is. Hij wist het niet, want dat had ik nooit verteld. Dat was nooit nodig geweest…


Dit gesprekje in de auto gaat daar nu ook over. Wanneer is het nodig om te zeggen of uit te leggen. Bij de boswachter was dat niet nodig. Dat had ons meisje goed aangevoeld.

Als ik haar vraag wat ze fijn vindt om te zeggen dan haalt ze wederom haar schouders op. Ze weet het niet goed. Soms twee en soms één. Maar ze vult aan dat ze prima weet dat ze twee broertjes heeft. Ik vertel haar dat ik weet dat ze dat weet. Maar ik zeg haar ook dat het antwoord wat ze bij de boswachter gaf me trots maakt. Het is ook een goed antwoord. Als dat goed voelt voor haar dan voelt dat voor mij ook goed. Dan kijkt ons meisje me met een glimlach aan.

Gaan we nog sloffen kopen?, vraagt ze dan. Hihi in een mini seconde zijn we ook weer ergens anders.

Plaats een reactie